Wat leren kinderen uit hun zakgeld

Bron: gezinsbond

Met geld leren omgaan, dat is zoals leren fietsen: oefening baart kunst. Zakgeld is het ideale middel om je kind van jongs af aan de juiste reflexen te leren.

Driekwart van de jongeren krijgt zakgeld, maar als we kijken naar lagereschoolkinderen, dan krijgt driekwart er net géén. Nochtans zijn er goede redenen om niet te lang te wachten met zakgeld. Dit leert je kind ervan:

1.De waarde van geld

Al vanaf het eerste leerjaar kan je kind leren over geld. Geef je één of twee euro mee? Dan leert je kind hoeveel snoep het daarmee kan kopen of hoeveel weken het moet wachten om een nieuw speelgoedje te kunnen aanschaffen. Zoals voor alles geldt hier: jong geleerd is oud gedaan!

2.Sparen

Door iets meer zakgeld te geven dan ‘nodig’ is, kan je kind ook leren sparen. Hij of zij heeft het niet nodig, maar wil het toch: sparen is de boodschap.
Leert je kind pas rekenen? Dan is het handig als je dat proces van sparen visualiseert, bijvoorbeeld via een raster dat kan worden ingekleurd.

3.Rekenen

Door geld uit te geven en door te sparen, is je kind ook onbewust aan het rekenen. Heb ik voldoende? Krijg ik wisselgeld? En zo ja, hoeveel? Hoelang moet ik sparen? Als ik dit nu koop terwijl ik eigenlijk spaar voor iets anders, hoeveel weken moet ik dan langer wachten tot ik dat andere kan kopen?

4.Op is op

Heeft je kind geen geld meer over voor iets dat hij of zij echt wil? Weersta dan de verleiding om het toch te kopen. Op is op: geld vloeit niet uit een kraantje. “Maar please, kan je het niet gewoon uit de muur halen? Neen!”

Kinderen die geduld moeten oefenen als hun zakgeld te snel op is, ervaren later minder financiële problemen.

5.Je kan niet alles hebben

In het verlengde van het vorige puntje: door je kind zakgeld te geven, leer je het ook dat het niet alles kan hebben. Je kan je geld maar één keer uitgeven. Er moeten dus keuzes gemaakt worden, of ten minste prioriteiten gesteld.

6.Een budget beheren

Tot slot een heel belangrijke voor the bigger picture: budgetbeheer. Het is al moeilijk voor volwassenen, dus hoe vroeger kinderen het leren, hoe beter. Spaar ik alles of een deel? Hoeveel? Waarom? Op welke termijn? Die vragen leren ze zich stellen.

Overtuigd om je kind zakgeld te geven?

Maak dan nog even duidelijke afspraken: bepaal waar het geld aan besteed mag of moet worden. Een beetje controle houden en bijsturen, is zeker aangewezen.
Hoe sneller je daarmee begint, hoe minder problemen je zult hebben als je kind ouder wordt. Is die controle er niet op jonge leeftijd, dan zal het niet evident zijn om plots de uitgaven van je 15-jarige zoon of dochter te controleren.

Bespreek ook zeker wat er gebeurt als het zakgeld op is. Een aanrader: blijf bij het principe ‘op is op’. Want onduidelijke afspraken werken zorgeloos uitgeven in de hand.

Hoeveel is genoeg?

Als je kind bijna naar de middelbare school gaat, kan je eens polsen of het vindt dat het genoeg zakgeld krijgt. Wat krijgen leeftijdsgenootjes en waaraan geven ze het uit? Hoeveel wordt er gespaard? Wordt er wel gespaard?

Vindt je kind dat het wat meer mag zijn? Dan kijk je best eens waar het zakgeld naartoe gaat. Zo weet je: onderschat jij als ouder de kosten of geeft je kind te veel uit?

Wat met de grootouders?

Jij wou je kind geen extra geld toestoppen (onder het motto: op is op), maar de grootouders doen het achter je rug toch. Wat doe je? Kaart het probleem zo snel mogelijk aan en geef hen uitleg bij je opvoedingsstrategie. Willen ze echt graag iets geven, dan kunnen ze het nog altijd op een (spaar)rekening zetten.